|
Kunnen wij Christenen nog steeds zondaars zijn?
Nee. De apostel Paulus zei in 1 Timotheus
1:15, zich de tijd voordat hij Jezus ontmoet had herinnerend, "de zondaren,
van welke ik de voornaamste ben." Tegenwoordig zijn er veel mensen
die denken dat zij zondaars zijn zelfs wanneer zij in Jezus geloven. Maar
dat is niet waar. We zijn allen zondaars voordat we in Jezus geloven.
Wanneer we echter op de juiste wijze in Jezus geloven, worden we onmiddellijk
rechtvaardig. De apostel Paulus herinnerde zich de tijd voordat hij Jezus
kon en biechtte dat hij de baas van de zondaars was.
Paulus echter, toen hij nog Saul genoemd werd, ontmoette Jezus op de weg
naar Damaskus en realiseerde zich dat Jezus zijn Verlosser was en hij
geloofde en dankte Jezus. Voor de rest van zijn leven getuigde hij dat
de rechtvaardigheid van God, het doopsel van Jezus, er was om de zonden
van de wereld weg te nemen en dat Hij moest sterven om de zonden van de
wereld uit te wissen.
Met andere woorden, hij werd een dienaar van God die het evangelie van
het water en de Geest predikte. Vele mensen denken dat hij ook nadat hij
Jezus had getroffen nog een zondaar was, wat echter een misverstand van
deze getuigenis is. De waarheid is dat hij geen zondaar meer was maar
iemand die Jezus ieder moment kon aanschouwen. Tijdens zijn leven predikte
hij het evangelie van de zaligheid, de verlossing van het doopsel en het
bloed van Jezus. Zelfs nadat hij ging, bleven zijn brieven in de Bijbel
aan ons getuigen dat het evangelie van het water en de Geest, het evangelie
van de vroege kerk was. De getuigenis van de apostel Paulus was een herinnering
aan vroegere tijden en een dankoffer aan de Heer.
Was hij een zondaar nadat hij in Jezus geloofde? Nee. Hij was een zondaar
voordat hij wedergeboren werd. Op dat moment geloofde hij in Jezus als
zijn Verlosser, het moment dat hij realiseerde dat de zonden van de wereld
aan Jezus waren doorgegeven door Zijn doopsel, het moment dat hij in het
doopsel van Jezus geloofde en in Zijn bloed aan het Kruis, werd hij rechtvaardig.
De reden waarom hij zichzelf de aanvoerder van de zondaars noemde, was
dat hij zich de tijd herinnerde dat hij de volgelingen van Jezus vervolgde
en hij dankte God voor de redding van zo'n hopeloze zondaar als hemzelf.
Wie kan hem een zondaar noemen? Wie kan iemand een zondaar noemen die
rechtvaardig werd door in het doopsel en het bloed van Jezus als onze
zaligheid te geloven? Enkel zij die zich niet bewust zijn van de waarheid
van de verlossing van Jezus.
De apostel Paulus werd rechtvaardig door in de zaligheid van Jezus te
geloven en vanaf dat moment predikte hij als een dienaar van God het evangelie
van het rechtvaardig worden door in Jezus Christus, de Zoon van God als
onze Verlosser te geloven. De apostel Paulus was geen zondaar maar een
rechtvaardige dienaar van God, een ware dienaar die het evangelie aan
de zondaars van de wereld predikte.
Kan een zondaar tegen anderen prediken? Het zou nooit werken. Hoe kan
iemand tegen anderen prediken wat hijzelf niet kan doen! Als hij zelf
niet gered is, hoe kan hij dan anderen redden!
Als een man verdrinkt en hij probeert de man naast hem te helpen, dan
zouden beiden onder water eindigen. Hoe kan een zondaar anderen redden?
Hij zou ze alleen met zich mee naar de hel nemen. Hoe kan een zieke een
andere zieke redden? Hoe kan iemand die door Satan bedrogen wordt, iemand
anders redden?
De apostel Paulus was een zondaar maar werd rechtvaardig toen hij in het
doopsel en het bloed van Jezus geloofde en hij werd gered van de zonde.
Daarom kon hij een dienaar van God worden en het evangelie aan de zondaars
van de wereld prediken. Hij kon vele zondaars met de rechtvaardigheid
van God redden. Hijzelf was niet langer een zondaar.
Hij was wedergeboren en leefde niet in de rechtvaardigheid van de wet,
maar in de rechtvaardigheid van God. Hij werd een dienaar en een prediker
van de rechtvaardigheid van God die velen terugbracht naar God. Hij was
geen prediker van eigen maak of van de rechtvaardigheid van de Wet, maar
van de rechtvaardigheid van God.
Was hij een zondaar? Nee. Hij was rechtvaardig. Als een rechtvaardig man,
werd hij de apostel van de waarheid van God. Noem hem geen zondaar omdat
het God zou beledigen en omdat het een duidelijk misverstand van de waarheid
is. Hij was rechtvaardig. We zouden niet hem noch Jezus moeten beledigen
door anders te denken.
Als we zouden zeggen dat hij nog steeds een zondaar was nadat hij Jezus
ontmoet had, dan zouden we Jezus een leugenaar noemen. Jezus maakte hem
rechtvaardig, en het was Jezus die hem een dienaar van de rechtvaardigheid
maakte.
|